Het einde van het handhavings – moratorium, wat nu?

Het einde van het handhavingsmoratorium heeft grote gevolgen voor zowel zelfstandigen als hun opdrachtgevers. Nu de Belastingdienst de handhaving hervat, moeten zowel zzp’ers als hun opdrachtgevers zich goed voorbereiden op naleving van de regels.

Een direct gevolg is dat opdrachtgevers beter moeten toetsen of een zzp’er echt zelfstandig werkt of dat hij feitelijk in dienst, en dus werknemer is. Met name sectoren waar langdurige en hiërarchische werkrelaties gebruikelijk zijn, zoals de zorg, bouw en IT liggen bij de fiscus onder een vergrootglas.

Vanaf dit jaar moet duidelijker worden aangetoond hoe men de arbeidsrelatie kwalificeert. In het zogenoemde Deliveroo-arrest zijn een negental criteria ontwikkeld waaraan moet worden getoetst. Enkele belangrijke zijn de aard en de duur van de werkzaamheden, de wijze en hoogte van de beloning, de inbedding in de organisatie, wie loopt welke risico’s, mogelijkheid vervanging en gezagsverhouding en toezicht.

Een lastig voorbeeld. Een hooggeschoolde IT-consultant werkt op projectbasis 40 uur per week bij een groot bedrijf. Omwille van de IT-security gebruikt hij een laptop en software van de opdrachtgever. Hij werkt op kantoor en neemt deel aan teamvergaderingen. De werkwijze en planning worden in grote lijnen voor hem bepaald, hij heeft enkele andere opdrachtgevers, maar deze vormen een klein deel van zijn inkomen. Als hij ziek is, krijgt hij niet doorbetaald.

Op basis van het Deliveroo-arrest kan het volgende worden geconcludeerd.

Hij loopt ondernemersrisico, bij ziekte geen doorbetaling. Hij draagt zelf de financiële risico’s. Hij heeft andere opdrachtgevers. Meerdere klanten wijst op ondernemerschap. Maar, hij werkt volledig mee binnen een team en volgt instructies. Ofwel, zijn werkzaamheden zijn ingebed, maken deel uit van de organisatie. Ook maakt hij gebruik van apparatuur van de opdrachtgever, wat meer past bij loondienst. Tot slot, zijn werk wordt gecontroleerd en hij moet zich houden aan vaste structuren.

De feiten wijzen zowel richting loondienst als richting zelfstandigheid. Wil hij als zzp’er worden aangemerkt, dan zou hij bijvoorbeeld meer zelfstandigheid moeten tonen in werkwijze en minder afhankelijk moeten zijn van één opdrachtgever. Dit soort situaties maken handhaving complex en zorgen voor onzekerheid bij zowel opdrachtgevers als zzp’ers.

Wilt u zeker weten dat uw arbeidsrelatie goed is ingericht? Laat u dan adviseren en zorg voor een goede overeenkomst!■

Van der Veen & Kromhout
Jules Wilming, belastingadviseur

Delen via

Jules Wilming

Van der Veen & Kromhout

Belastingadviseur